Zijn beelden lezen als een gebedenboek over de waanzin in onze tijd. Ze tonen het resultaat van een snijdend leed omkaderd in een gestileerde enscenering. Een golfbeweging van sierlijkheid en van een smart die brutaal in je gezicht kaatst. In dat onevenwicht heeft James Nachtwey zijn evenwicht gevonden.
We stoten bij Nachtwey op lichamen in pijn. Een pijn waaraan de motoriek ontzegd is, die tevoorschijn komt in een drukkende stilte. Het is het beeld van de gemuilkorfde schreeuw. Hij wijst aan en reveleert. Het zijn halteplaatsen van vaak vergeten conflicten, gebet in een diepe empathie voor de Ander. James Nachtwey geeft stem aan de collateral damage.
De jaren zestig waren een periode waarin de persfotografie een kantelmoment doormaakte. Voor het eerst in haar geschiedenis stelde ze zich onafhankelijk op tegenover het politieke discours. Een heel nieuwe dimensie kwam braak te liggen. Ze projecteerde zich in het bewustzijn van de burger en zorgde dat niet louter de politieke klasse de maatschappelijke agenda afbakende. Soms stelde ze de inertie van het beleid aan de kaak (de inval van de Sovjet-Unie tijdens de Praagse Lente, de burgerrechtenbeweging), een andere keer wraakte ze het officiële betoog van de instanties (de Zesdaagse Oorlog in het Midden-Oosten, Vietnam). In dat decennium kwam de kerntaak van de pers -zich opwekken als alternatief voor de argumentatie van het politieke bestel- tot volle wasdom. Ze leverde op ethisch vlak niet langer beelden van een tweede graad af.
Deze diepe verschuiving inspireerde het engagement van James Nachtwey. En zo capteert hij wat een oorlogsfotograaf steeds hoort over te dragen: beelden die aanbeuken tegen ons geweten.
zondag 12 augustus 2007
James Nachtwey
Gepost door
Ivan Maljkovic
op
12:32
Labels: fotografie, James Nachtwey, journalistiek, politiek
zondag 6 mei 2007
Jacques Chirac
Hij was de grootste leugenaar van allemaal. Zelden heeft iemand zo intensief met de waarheid gesold als Jacques Chirac. Alle hoeken van de ring heeft hij haar laten zien, geen spaander bleef er van heel. Geflankeerd door zijn feodale helleveeg Bernadette Chodron de Courcel (petit 'd'), besteeg super menteur de cenakels van de Franse macht. Een verbijsterende tocht langs illegale partijfinanciering, manipulatie, loze beloften en politieke broedermoorden. Geen parcours voor vriendelijke faunen. Met zo'n palmares schuiven ze je in een totalitair regime terstond een eredoctoraat toe. Hield le Président de la République er scrupules aan over? Hoegenaamd niet. Je kon het hem trouwens niet aanwrijven met gegronde argumenten, want in discussie met hem treden bleek schier onmogelijk: tijdens het debat had hij de empathie van een cirkelzaag en de charme van een paar blazende katten.
Afgelopen week zond La Une de documentaire 'Dans la peau de Jacques Chirac' uit. Een hilarisch maar tegelijk onthutsend beeld van Frankrijks grootste acteur en zijn strapatsen. Importheffingen, xenofobie, kernproeven, de 35-urenweek: alle idiotieën waren gerechtvaardigd om het beeld van 'la douce France' hoog te houden. Hoe gekker, hoe liever. Chirac veruiterlijkte de agonie van een staat die zich nog steeds een wereldmacht waant, en die hallucineert dat zijn aftandse maatschappelijke structuren kunnen optornen tegen de economische efficiëntie van het Angelsaksische en Oost-Aziatische model. Bij zijn eerste verkiezing tot president in 1995 had hij de mogelijkheid om het sociale kerkhof van Francois Mitterand dicht te timmeren en het land opnieuw weerbaar te maken. Het bleek ijdele hoop.
Vandaag werd echter een tijdperk afgesloten. Vandaag opteerde Frankrijk langs de stembusgang niet langer voor een elitaire Zonnekoning, maar voor een straatvechter. Voor een pragmaticus met principes. Voor verandering.
Frankrijk heeft vanavond met Nicolas Sarkozy de juiste keuze gemaakt.
zaterdag 21 april 2007
Fidel Castro
Als vakantieoord is Cuba reeds een poosje in zwang: hagelwitte stranden, salsa, de charme van oldtimers, de koloniale gebouwen en hun grandeur. Persoonlijk komt het echter niet bij me op om achterover te leunen in een land dat de rechten van de mens ongebreideld schendt, maar ogenschijnlijk leggen weinig Europeanen eenzelfde schroomvalligheid aan de dag. Met de harde Euro's die we er vlot over de tafel laten rollen in dure hotels of rumbars blijft de onderbouw van een dictatuur overeind. De vrijheid leeft er onder curatele, wordt gebagatelliseerd. Opper als Cubaan een dissonante mening en je belandt in een gevaarlijke schemerzone. Het wekt daarom geen verwondering bij me op dat Guantanamo aan Cubaans terrein grenst: het Kwade charmeert het Kwade.
Pleitbezorgers van het regime stofferen hun betoog met verwijzingen naar de gratis gezondheidszorg en het kosteloze educatief systeem. Mooie doelstellingen, maar baten deze verdiensten als een elite de controle ambieert over het 'ik' van de anderen? Als je voortdurend je persoonlijkheid hoort uit te gommen? Helaas breidt een verwante tirannie zich uit naar copycats als Hugo Chavez in Venezuela of Evo Moralez in Bolivië. Stapsgewijs wordt elke oppositie in Latijns-Amerika gesmoord; de afwijzing van een marktgeoriënteerde economie zal in de regio louter armoede baren en leiden tot nog rigidere beleidvormen. De inwoners betalen ongelukkigerwijs opnieuw een harde prijs.
Afgelopen week zond de VPRO een verhelderende documentaire uit over de intriges van Castro en Che Guevara op het Afrikaans continent tijdens de jaren zestig. Onder het vaandel van de bevrijding van de volkeren hielpen ze in hele contreien de illusoire waarden van de Sovjet-Unie te importeren. Het kon op instemming rekenen van de linkse intelligentsia in het Westen, waar ongegeneerd werd gedweept met Che en Castro. De reden: links maakt steeds een halszaak van haar idealen, ongeacht de maatschappelijke en economische implicaties. Alles moet zwichten voor het droombeeld van gelijkheid en broederlijkheid. Juist daarom zijn idealisten een gevaarlijk slag. Ze vergeten namelijk de belangrijkste les uit de twintigste eeuw: de weg naar Utopia passeert langs de goelag en het concentratiekamp.